ONS VERHAAL

The Dominican is niet altijd een hotel geweest. De eenvoudige voorgevel bewaakt een rijkdom aan geschiedenis, beïnvloed door religie en kunst. Wanneer de muren en gewelven konden spreken, zou men teruggevoerd worden naar enkele eeuwen geleden.




Het is 1465. Een klooster werd geboren, op initiatief van Hertogin Isabel van Portugal en na goedkeuring van Paus Calixtus III. Tot grote verbazing van de hertogin was de voorname orde der Dominicanen nog niet vertegenwoordigd in de hoofdstad.Over de jaren breidde het klooster gestaag uit met de aanwerving van omliggende gronden. En evenzeer groeide het aanzien bij de hoogste adel.





Onder de Brusselse Republiek leidden samenzwering en opruiende preken to de verbanning van de Dominicanen op 22 april 1581. Het klooster werd voor een eerste maal verwoest in 1583, maar het duurde niet lang vooraleer de broeders terugkeerden. Met het einde van het calvinistisch regime in de stad begon de wederopbouw van het klooster. De franse bombardementen in 1695 herleidden het klooster andermaal tot puin, en een volgende wederopbouw ving aan in 1704.De Franse Revolutie bracht een definitief einde aan het Dominicanenklooster in Brussel.De laatste 36 broeders warden verdreven op 12 november 1796. Het klooster werd geveild als nationaal erfgoed in februari 1797, waarna het een laatste maal werd neergehaald.





We spreken 1816. De neo-klassieke Franse schilder Jacques-Louis David belandde in Brussel. Na zijn veroordeling als voormalig revolutionair en Bonapartist, maar ook vanwege zijn rol in de overlijdens van Koning Lodewijk XVI en Koning Lodewijk XVII, ontving David amnestie en werd hem een positie als hofmeester aangeboden. David weigerde op dit aanbod in te gaan en verkoos zelfverbanning in Brussels





Na zijn dood in Brussel op 29 december 1825, kreeg zijn huis in de Leopoldstraat zijn naam toegewezen. De originele voorgevel van de woning bleef onaangeroerd en werd geïntegreerd in het ontwerp voor het hotel. Zijn laatste meesterwerk ‘Mars ontwapend door Venus’ (1824, Koninklijk Museum voor Schone Kunsten, Brussel) schilderde hij hier in Brussel. In December 1823 schreef hij nog: “Dit wordt mijn laatste schilderwerk, maar ik wil mezelf hier overtreffen. Naderhand zal ik het penseel nooit meer ter hand nemen.”

Het is ons vurig verlangen om deze rijke geschiedenis in leven te houden.

×

Boek nu

  • ​​Beste prijs garantie
  • Ontvang €10 tegoed
  • ​​Special offers

Cookie Instellingen

Deze website gebruikt Cookies.

Meer informatie over het gebruik van cookies en gegevensverwerking vindt u onder onze Cookie- en privacy-policy .